DwergzijdeaapjeAuthor: Alexander Rothe
License: CC-by-sa 3.0

    Leefgebied dwergzijdeaapjede la Torre, S. & Rylands, A.B. 2008. Cebuella pygmaea.
The IUCN Red List of Threatened Species. Version 2014.3
.Acccessed on 31 March 2015.
  DwergzijdeaapjeAuthor: James Dowling-Healey
License: CC BY-NC-SA 3.0

Zoogdieren

Cebuella pygmaea

gb Pygmy marmoset  de Zwergseidenäffchen  fr Ouistiti pygmée
nl Dwergoeistiti, Pygmee-oeistiti

Leefgebied

Het dwergzijdeaapje is een aapje van de nieuwe wereld en komt oorspronkelijk voor in het westen van Brazilië, het zuidoosten Colombia, het oosten van Ecuador en het oosten van Peru in het regenwoud bij de bovenloop van de Amazone. Ze leven in de tussenlagen van het bos waarbij de grond en hoogtes boven de 18 meter vermeden worden.

Uiterlijk

Dwergzijdeaapjes hebben een donzige, bruinachtige vacht met geelbruine vlekken en een geringde staart die net zo lang als het lichaam kan zijn. De handen en voeten zijn geelachtig oranje van kleur. De lange haren rond het gezicht en de hals doen denken aan de manen van een leeuw. De rand van de mond is wit en op de neus loopt een witte verticale streep. Pasgeboren dwergzijdeaapjes hebben aanvankelijk een grijze kop en een gele vacht met zwarte stippen maar na een maand hebben ze de vachtkleur van volwassen dieren.

De achterpoten zijn langer dan de voorpoten en aan de vingers zitten klauwen. Deze klauwen zijn speciaal bedoeld om in bomen te klimmen. Met de langwerpige en scherpe snijtanden maken ze gaten in bomen om bij de gom te kunnen komen.

Met een lengte van 14-16 cm (exclusief de staart van 15-20 cm) is het een van de kleinste primaten en de kleinste aap. Ze wegen 110-125 gram waarbij de vrouwtjes iets zwaarder zijn dan de mannetjes.

Voortbeweging

Deze aapjes verplaatsen zich door over takken te rennen, langs stammen op en neer te klimmen en door van boom naar boom te springen.

Wetenswaardigheden

  • Dwergzijdeaapjes zijn de kleinste aapjes ter wereld. 
  • Het is de eerste Zuid-Amerikaanse aap waarbij het gebruik van dialecten is vastgesteld. Tot op heden is onbekend of het gebruik van dialecten komt door een voordeel van bepaalde geluiden in een zekere habitat of dat dit een sociaal aspect is, zoals bij mensen. 
  • Door zijn kleine afmetingen en snelle manier van bewegen is het moeilijk om dit aapje goed te kunnen observeren.

Voedsel in de natuur

Als omnivoor, eten ze fruit, bladeren, insecten, en af en toe zelfs kleine reptielen. Een groot deel van hun dieet bestaat echter uit hars van bomen. Een groot deel van de tijd wordt besteed aan het halen van hars uit boomschors. Dit actieve dwergzijdeaapje heeft hiervoor speciale tanden om in schors te kunnen bijten.

Gedrag

Dwergzijdeaapjes zijn overdag actief wanneer het licht is, met name vroeg in de ochtend en in de namiddag. 's Nacht rusten ze op 7-10 meter hoogte tussen dichte begroeiing waarbij ze dicht tegen elkaar aan zitten. Ze leven in groepjes van 2-15 dieren, Deze groepjes bestaan uit een volwassen paartje en hun nakomelingen.

Het territorium bedraagt 0.1-0.4 ha en is gecentreerd rond één of twee bomen die gom leveren. Wanneer de opbrengst van de gom te laag wordt verhuist de hele groep naar een nieuwe plek.

Ze communiceren door middel van gelaatsuitdrukkingen, geuren en geluiden. De  witte plekken rond de mond en op de neus zorgen ervoor dat ze in het schemerige licht van het dichte bos beter kunnen communiceren door middel van gezichtsuitdrukkingen. De geluiden die ze maken lijken op vogelgeluiden maar ze communiceren ook ultrasone geluiden die mensen niet kunnen horen.

Deze aapjes zijn monogaam waarbij het mannetje erg agressief kan worden wanneer een andere mannetje probeert te paren met zijn vrouwtje.

Predatie

Natuurlijke vijanden zijn roofvogels, kleine katachtigen en slangen.

Voortplanting in de natuur

De meeste geboortes vinden plaats tussen november en januari en tussen mei en juni. Alleen het dominante vrouwtje krijgt jongen. Vaak wordt er na een draagtijd van 125 dagen meer dan één jong geboren, in de regel zijn dat meestal twee- of drielingen. De pasgeboren jongen wegen slechts 16 gram. De mannetjes sjouwen met de jongen rond, totdat ze door de vrouwtjes worden overgenomen om te worden gevoed. Daarna nemen de mannetjes het weer over. De jongen blijven ongeveer twee geboortecycli bij de groep. Na 12-18 maanden zijn ze geslachtsrijp. In de natuur kan het aapje ongeveer 11 jaar oud worden.

Bedreiging

In sommige landen wordt er op deze dieren gejaagd (Ecuador) en ook worden ze als huisdier gehouden. Ondanks de vernietiging van leefgebied kijkt het aantal dieren niet achteruit te gaan.

Bronnen:

Creative Commons License
Dit werk valt onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Unported-licentie.

Paspoort

Naam Dwergzijdeaapje
Klasse Mammalia (Zoogdieren)
Orde Primates (Primaten)
Familie Callitrichinae (Klauwaapjes)
Geslacht Cebuella
Soort Cebuella pygmaea
Grootte  14-16 cm
Staartlengte 15-20 cm
Gewicht man 110 gram 
Gewicht vrouw 122 gram
Paartijd Het hele jaar door
Paringsinterval 2 keer per jaar
Draagtijd 125 dagen
Nest -
Geboorte Het hele jaar met een piek tussen november en januari en mei en juni
Geboortegewicht 16 gram 
Aantal jongen 1-3 jongen
Spenen 91 dagen
Gesllachtsrijp 12-18 maanden
Levensduur 11 jaar in de natuur
Voeding in de natuur Gom, fruit, bladeren, insecten en kleine reptielen
Leefgebied Het westen van Brazilië, het zuidoosten Colombia, het oosten van Ecuador, en het oosten van Peru
Groep/solitair Groepjes van 2-15 dieren
Fokprogramma -
CITES Appendix II (28/06/1979)
EU Listing Annex B (04/02/2017)
IUCN Niet bedreigd (LC)
Follow Us