HalsbandpekariAuthor: Chrumps.
License: CC BY-SA 3.0


  Leefgebied halsbandpekariGongora, J., Reyna-Hurtado, R., Beck, H., Taber, A., Altrichter, M. & Keuroghlian, A. 2011. Pecari tajacu.
The IUCN Red List of Threatened Species 2011.
Accessed on 08 September 2016.
   HalsbandpekariAuthor: Brian Gratwicke.
License: CC BY 2.0


Zoogdieren

Leefgebied

Halsbandpekari's komen voor van Noord-Argentinië, in Zuid-Amerika, tot in Midden-Amerika, en hebben zich ook verspreid in het zuiden van Arizona, New Mexico en Texas in de Verenigde Staten. 

In Zuid- en Midden-Amerika, leven halsbandpekari's in tropische regenwouden. In het zuiden van de Verenigde Staten, komen kuddes voor in de Saguaro woestijnen, waar ze een voorkeur hebben voor leefgebieden met doornachtige bomen en struiken met een overvloed aan vijgcactussen. Halsbandpekari's komen ook regelmatig voor in woongebieden, waar ze gevoerd worden door mensen.

Uiterlijk

Halsbandpekari's hebben een schouderhoogte van 30 tot 50 cm, zijn 80 tot 100 cm lang en wegen 15 tot 25 kg. Ze worden door hun uiterlijk vaak aangezien voor varkens. Ze hebben een grijszwarte vacht met uitzondering van een gele tint op de wangen en een witgele kraag van manen over de schouder en de keel. Op de rug bevindt zich een klier. Ze kunnen slecht zien en horen waardoor ze waarschijnlijk veel geluid maken.

Halsbandpekari's hebben korte, rechte slagtanden in de boven- en onderkaak die bij iedere kaakbeweging tegen elkaar aankomen en zo geslepen worden.

Terwijl de mannetjes en de vrouwtjes in grootte en kleur erg op elkaar lijken, hebben de  jongen een geelbruine kleur met een zwarte streep op de rug.

Halsbandpekari schedelAuthor: Klaus Rassinger.
License: CC BY-SA 3.0

Voedsel in de natuur

Halsbandpekari's zijn voornamelijk herbivoren en ze hebben complexe magen voor de vertering van het grof gekauwde voedsel. In de zuidelijke leefgebieden eten ze een verscheidenheid aan voedsel. Naast vruchten eten ze wortels, bollen, schimmels en noten en soms eieren, aas, slangen, vissen en kikkers. In de noordelijke leefgebieden eten ze meer plantaardig voedsel zoals wortels, bollen, bonen, noten, bessen, gras, en cactussen.

Het belangrijkste voedsel is echter agaves en cactusvijgen. In droge gebieden zijn cactusvijgen ideaal vanwege het hoge watergehalte. Ze kunnen echter ook door mensen verbouwde gewassen eten.

Wetenswaardigheden

  •  Aan de messcherpe slagtanden heeft hij de naam Javelina te danken: Een lichtgewicht speer met een scherpe punt.

Gedrag

Halsbandpekari's hebben sterke sociale relaties.  Ze leven in kuddes van 5 tot 15 dieren met een sterke onderlinge band. Ze eten, slapen en foerageren samen. Uitzonderingen zijn oude zieke dieren die liever in eenzaamheid sterven. De kuddes hebben een sterke lineaire dominante hiërarchie waarbij er één dominant mannetjes is en de rest van de hiërarchie voornamelijk wordt bepaald door de grootte van de dieren. Binnen de groep zijn evenveel mannetjes als vrouwtjes aanwezig. De kuddes zijn stabiel en er is een lichte overlap met aangrenzende kuddes. Soms worden subgroepjes gevormd die samen foerageren. Deze subgroepjes vormen soms de kern van een afsplitsing van de kudde.

De territoria variëren in grootte van 0,5 tot 8 hectare, afhankelijk van de grootte van de kudde en de beschikbaarheid aan voedsel. Deze territoria worden afgebakend door met de dorsale klier langs rotsen, bomen en stronken te schuren. Hierdoor wordt een olieachtige substantie afgezet. Ook wordt hiervoor ontlasting gebruikt. De territoria worden door zowel de mannetjes als de vrouwtjes verdedigd. Ze weren tegenstanders af door een dreigende houding aan te nemen waarbij ze de oren plat neerleggen en met hun hoektanden klepperen. In een gevecht gebruiken ze hun kop, bijten ze en haken ze soms elkaars kaken in elkaar.

Ook de rugklier wordt gebruikt ter herkenning. Ter begroeting wrijven ze tegen elkaar aan, met de kop tegen de rug van de ander.

Halsbandpekari's zijn erg afhankelijk van de omgevingstemperatuur en seizoensveranderingen. Het voedingsgedrag verandert erg van de zomer naar de winter. Het nachtelijk foerageren begint dan eerder op de avond en eindigt later in de ochtend totdat de temperatuur dragelijk wordt. Kuddes grazen dan zelfs overdag om de warmte van de zon te benutten.

Ze maken erg veel kabaal. De geluiden zijn in te delen in drie groepen: agressie, onderdanigheid en alertheid.

Predatie

De belangrijkste predatoren van halsbandpekari's zijn mensen, coyotes, poema's, jaguars en rode lynxen.

Voortplanting in de natuur

Halsbandpekari's hebben niet een specifieke voortplantingsperiode. De paring hangt meer van het klimaat af en in het bijzonder van de regen. In regenachtige jaren worden meer jongen geboren. Het dominanten mannetje zorgt voor de voortplanting. Ondergeschikte mannetjes hoeven de groep niet te verlaten maar mogen niet in de buurt van bronstige vrouwtjes komen. Er komen dus geen kuddes voor bestaande uit alleen maar vrijgezelle mannetjes.

Na een draagtijd van 141 tot 151 dagen worden 1 tot 3, en hoogstzelden 4, jongen geboren. Vrouwtjes die moeten werpen trekken zich terug uit de groep want anders zouden de jongen door andere dieren uit de kudde worden opgegeten. Maar 1 dag nadat ze heeft geworpen keert ze weer terug in de groep. Alleen oudere zussen mogen bij de jongen komen. Deze fungeren vaak als kindermeisjes. Na 2 tot 3 maanden worden de jongen gespeend.

Mannetjes zijn na 11 maanden geslachtsrijp en vrouwtjes na 8 tot 14 maanden. Ondanks een hoog sterftecijfer kunnen ze 24 jaar worden maar in het wild worden ze gemiddeld niet ouder dan een jaar of tien.

Bedreiging

Eeuwenlang zijn jonge halsbandpekari's gevangen en als huisdier gehouden. Ze zijn zelfs vetgemest door indianen in Midden- en Zuid-Amerika. In Peru, werden decennia lang jaarlijks 10.000 huiden uitgevoerd. In Texas, werden tijdens het jachtseizoen meer dan 20.000 dieren neergeschoten. Dankzij hun aanpassingsvermogen zijn de populaties vrij veerkrachtig, hoewel ondersoorten in de tropen worden bedreigd door vernietiging van het regenwoud. De IUCN heeft deze soort geclassificeerd als "niet bedreigd".

Bronnen:

  • IUCN: Gongora, J., Reyna-Hurtado, R., Beck, H., Taber, A., Altrichter, M. & Keuroghlian, A. 2011. Pecari tajacu. The IUCN Red List of Threatened Species 2011: e.T41777A10562361. http://dx.doi.org/10.2305/IUCN.UK.2011-2.RLTS.T41777A10562361.en Accessed on 08 September 2016.
  • Animal Diversity Web: Ingmarsson, L. 1999. "Pecari tajacu" (On-line), Animal Diversity Web. Accessed September 08, 2016 at http://animaldiversity.org/accounts/Pecari_tajacu/
  • AnAge: Tacutu, R., Craig, T., Budovsky, A., Wuttke, D., Lehmann, G., Taranukha, D., Costa, J., Fraifeld, V. E., de Magalhaes, J. P. (2013) "Human Ageing Genomic Resources: Integrated databases and tools for the biology and genetics of ageing." Nucleic Acids Research 41(D1):D1027-D1033. Accessed on 8 September 2016
  • Wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Halsbandpekari Accessed on 08 September 2016.
Creative Commons-Licentie
Dit werk valt onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Unported-licentie.

Paspoort

Naam Halsbandpekari
Klasse Mammalia (zoogdieren)
Orde Cetartiodactyla (Walvissen en evenhoevigen)
Familie Tayassuidae (Pekari's)
Geslacht Pecari
Soort Pecari tajacu
Kop-romplengte 80-100 cm
Schouderhoogte 30-50 cm
Staartlengte 1-5 cm
Gewicht 15-25 kg
Paartijd Afhankelijk van klimaat en regen
Paringsinterval 155 dagen
Draagtijd 141-151 dagen
Nest  
Geboorte Afhankelijk van klimaat en regen
Geboortegewicht 700 gram
Aantal jongen 1-3 jongen
Spenen 2-3 maanden
Geslachtsrijp ♂ 11 maanden
Geslachtsrijp ♀ 8-14 maanden
Levensduur 10 jaar in het wild
Voeding in de natuur Agaves, cactusvijgen, vruchten, wortels, bollen, schimmels, noten, bessen, gras, cactussen, noten en soms eieren, aas, slangen, vissen en kikkers en bonen.
Leefgebied Van Noord-Argentinië, in Zuid-Amerika, tot in Midden-Amerika, het zuiden van Arizona, New Mexico en Texas.
Groep/solitair Erg sociaal. Groepen van 5-15 dieren.
Fokprogramma -
CITES Appendix II (18/09/1997)
EU Listing Annex B (04/02/2017)
IUCN Niet bedreigd (LC)
Follow Us