Hits: 471

Leefgebied

De margay leeft in neotropische- en subtropische gebieden in Latijns-Amerika van Noord-Mexico tot aan Uruguay en Noord-Argentinië. Hij is vooral te vinden in dichtbegroeide gebieden, zowel bossen als regenwouden. Soms komt dit roofdier ook in meer open biotopen voor, waaronder plantages.

Uiterlijk

Margays zijn tengere, gevlekte katten, die op kleine, slanke ocelots lijken. De kop-romplengte varieert van 46 tot 79 cm en de staartlengte bedraagt 33 tot 51 cm. De schouderhoogte bedraagt 30 tot 35 cm en ze wegen 2,6 tot 3,9 kg. Op de rug lopen in de lengterichting rijen donkerbruine vlekken. Verder is de vacht aan de bovenzijde van het lichaam geelbruin (variërend van grijsachtig tot kaneelkleurig) en op de onderzijde wit. De vacht van deze katten is bovendien zacht en dik.   

Margays hebben een korte ronde kop met grote ogen, een lange staart die voor de balans zorgt bij het klimmen, en zwarte oren met grote witte vlekken die een rol spelen bij communicatie.

Voortbeweging

Margays zijn uitgesproken boombewoners en uitstekende klimmers. Als een margay via de stam van een boom naar beneden klimt, doet hij dat met zijn kop omlaag. De meeste katten gaan andersom naar beneden. Een margay kan zich ook met gemak ondersteboven verplaatsen, hangend aan alle vier de poten. Als een van de weinige katten is de margay in staat zich vanaf een tak op een prooi te storten zonder een poot op de grond te zetten.

Wetenswaardigheden

Voedsel in de natuur

Deze katachtigen jagen vooral op dieren die hoog in de bomen leven zoals kleine apen, opossums, luiaards, eekhoorns, boomratten, vogels, hagedissen en boomkikkers. Ze eten ook eieren, geleedpotigen en zelfs fruit. Er is vastgesteld dat ze bij de jacht op mantelaapjes het geluid van jonge exemplaren van deze prooi kunnen imiteren (een vorm van akoestische mimicry) om zo de aapjes te lokken. 

Gedrag

Margays zijn voornamelijk nachtdieren maar in koude gebieden jagen ze ook wel overdag. Ze brengen het grootste deel van hun leven in bomen door maar tussen jachtgebieden verplaatsen ze zich over de grond. Overdag rusten ze in moeilijk toegankelijke bomen of in een bundel lianen.

Ze zijn solitair, hoewel ze in de paartijd tijdelijk als koppeltjes leven. Het territorium heeft een oppervlakte van 11 tot 16 km² en wordt afgebakend door te sproeien en door het maken van krabsporen op de grond en takken.

Predatie

Mensen vormen de grootste bedreiging voor margays.

Voortplanting in de natuur

De meeste voortplantingsstatistieken hebben betrekking op dieren in gevangenschap. Alle aspecten met betrekking tot gedrag en fysiologie zijn vrijwel niet bestudeerd in het veld.

Margays planten zich het hele jaar door voort. Vrouwtjes kunnen zich na één jaar al voortplanten. De vruchtbaarheidscyclus van de vrouwtjes bedraagt 32 tot 36 dagen maar kan korter zijn als er geen paring plaatsvindt. Het nest bevindt zich meestal in een holle boom. De dracht duurt 76 tot 84 dagen en meestal wordt er één jong geboren. Soms worden er echter twee jongen geboren. Na twee weken gaan de oogjes open. De jongen worden na 52 dagen gespeend en beginnen na 7 tot 8 weken vast voedsel te eten.

Margays worden in het wild 13 tot 18 jaar oud. De oudst bekende margay in gevangenschap is 24 jaar geworden.

Bedreiging

Deze soort is zeldzaam en bedreigd in zijn hele leefgebied. In het verleden werden jaarlijks duizenden exemplaren gedood voor de vacht. De druk van de jacht is aanzienlijk gedaald als gevolg van internationale bescherming, hoewel er lokaal nog steeds illegale jacht plaatsvindt. Door vernietiging en defragmentatie van het leefgebied zijn de margays, die vrijwel alleen in bossen leven, kwetsbaarder dan ocelots.

De IUCN heeft deze soort geclassificeerd als "bijna bedreigd (NT)".

Bronnen:

Creative Commons License
Dit werk valt onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Unported-licentie.