Ocelot wiki Spencer WrightAuthor: Spencer Wright
License: CC BY 2.0
   Leefgebied ocelotAuthor: Chermundy
License: CC BY-SA 3.0
   OcelotAuthor: João Carlos Medau
License: CC BY 2.0

Zoogdieren

Leopardus pardalis

gb Ocelot  de Ozelot  fr Ocelot
nl Pardelkat

Leefgebied

Ocelots komen voor in het noorden van Midden-Amerika, in het noordoosten en noordwesten van Zuid-Amerika en in centraal Zuid-Amerika.

Ze leven in een grote verscheidenheid van gebieden, variërend van tropische bossen, grasland savannes, mangrovebossen, moerassen en gebieden met doornenstruiken. Ze hebben een voorkeur voor gebieden met een dichte vegetatie en zijn alleen in open gebieden te vinden wanneer het bewolkt is of 's nachts wanneer het nieuwe maan is. Ze komen in het algemeen niet op grotere hoogtes dan 1200 meter voor.

Uiterlijk

Ze wegen 8½ tot 16 kg en zijn 65 tot 97 cm lang, waarbij de mannetjes aanzienlijk groter zijn dan de vrouwtjes. Ze hebben opvallend lange poten en een staart van bijna 40 centimeter. De voorpoten zijn breder dan de achterpoten.

De vacht van de ocelot heeft een luipaardtekening waarvan de kleur varieert van gebroken wit tot tanig geel en roodachtig grijs. De buik is overwegend wit. Ze hebben twee zwarte strepen op de wangen, zwarte oren met een gele vlek, en één of twee zwarte dwarsstrepen aan de binnenkant van de poten. De kleuren variëren echter per leefgebied. De gezichtspatronen verschillen sterk waardoor individuen goed herkenbaar zijn. De bovenkant van de staart is geringd. Er bestaan ook ocelots met een zwarte vacht maar deze exemplaren zijn erg zeldzaam. Al bij de geboorte hebben de kleine ocelotten de volledige luipaardtekening.

Voortbeweging

Ocelotten zijn goede klimmers en kunnen goed springen en zwemmen.

Wetenswaardigheden

  • Een ocelot wordt ook wel pardelkat genoemd. 
  • Zoals vele wilde katten wordt ook de ocelot zo nu en dan gehouden als huisdier. Zo reisde Salvador Dalí geregeld rond met zijn ocelot Babou en dit zelfs aan boord van het luxueuze cruiseschip SS France.
  • Muzikant Gram Parsons hield een ocelot in zijn tuin, waar het dier een zwembad tot zijn beschikking had. 

Voedsel in de natuur

De ocelot jaagt voornamelijk ’s nachts en met name op de grond. Ze hebben verschillende soorten prooien. Welke prooien ze vangen hangt af van het seizoen. Ze eten vooral kleine knaagdieren zoals ratten, konijnen, eekhoorns en agoeti's. Verder eten ze ook kleine herten, apen, kleine vogels en hagedissen. Het is ook bekend dat ze insecten, slangen, kleine schildpadden, kikkers, landkrabben en vissen eten. 

Gedrag

De ocelot leeft solitair of soms in paartjes. Ocelotten zijn territoriaal en het territorium van een mannelijk dier overlapt dat van meerdere wijfjes. Ze communiceren door te miauwen en door geuren. Wanneer een vrouwtje vruchtbaar is trekt ze de aandacht van een mannetje door luid gejank te laten horen. Dit is vergelijkbaar met het gejank van gedomesticeerde katten.

Ze kunnen erg goed ruiken en zien. Ook 's nachts kunnen ze goed zien. Ze sporen hun prooien voornamelijk op door middel van reuk. Midden op de dag rust de ocelot meestal in een holle boom of op een boomtak. Door middel van urine markeert de ocelot bomen en struiken langs de grens van zijn territorium. 

Zodra deze kat een prooidier heeft ontdekt, drukt hij zich tegen de bodem en wacht het juiste moment af om toe te slaan. De goed ontwikkelde ogen en oren komen uitstekend van pas bij het nachtelijk opsporen van prooidieren. Met een beet in de nek wordt het slachtoffer snel gedood.

Predatie

Hoewel het zelf roofdieren zijn vallen ocelots af en toe ten prooi aan harpijen, poema's, jaguars en anaconda's.

Voortplanting in de natuur

Ocelots hebben geen bepaalde paartijd maar de meeste geboortes vinden in de herfst en de winter plaats. De draagtijd varieert van 79 tot 85 dagen waarna één tot drie jongen worden geboren, verborgen tussen de wortels van een omgevallen boom, in dicht struikgewas, een rotsspleet of in een holle boom. De jongen wegen bij de geboorte tussen de 200 en 340 gram. 

Na 6 weken worden de jongen gespeend en na 6 tot 8 maanden zijn ze volgroeid. Het vrouwtje voedt de jongen alleen op. Nadat ze gespeend zijn observeren de jongen de moeder een aantal maanden tijdens de jacht. Na een jaar zijn ze zelfstandig maar de moeder duldt de jongen tot ze ongeveer twee jaar zijn. Daarna moeten de jongen een eigen territorium zien te vinden.

Vrouwtjes zijn na 18 tot 22 maanden geslachtsrijp en kunnen jongen krijgen tot ze 13 jaar zijn. Mannetjes zijn na 30 maanden geslachtsrijp. Ocelots krijgen ééns in de 1½ tot 2 jaar jongen. In het wild worden ocelots 7 tot 10 jaar. In gevangenschap kunnen ze echter wel 21 jaar worden.

Bedreiging

Ocelots hebben te lijden onder het verlies en versnippering van leefgebied en illegale handel in huisdieren. Bovendien worden ze gedood door pluimveehouders. 

Vanwege hun populariteit in de westerse bonthandel waren ocelots in het midden van de jaren 80 bijna uitgestorven. Bezorgdheid over hun mogelijke uitsterven heeft bijgedragen aan de vorming van het verdrag van 1975 inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten (CITES). De verkoop van bont van ocelots daalde na 1980 en nu worden ze niet langer als bedreigd beschouwd. In 1996 werd hun aantal weer tussen de 1,5 en 3 miljoen geschat.

Bronnen:

Creative Commons License
Dit werk valt onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Unported-licentie.

Paspoort

Naam Ocelot
Klasse Mammalia (Zoogdieren)
Orde Carnivora (Roofdieren)
Familie Felidae (Katachtigen)
Geslacht Leopardus
Soort Leopardus pardalis
Kop-romplengte 65-97 vm 
Staartlengte 40 cm 
Gewicht man 8½-16 kg 
Paartijd Het hele jaar door. 
Paringsinterval 1 keer per 1½ tot 2 jaar.
Draagtijd 79-85 dagen
Nest Hol tussen wortels van een omgevallen boom, in dicht struikgewas, een rotsspleet of een holle boom. 
Geboorte Het hele jaar door met een piet ik de herfst en de winter.
Geboortegewicht 200-340 gram 
Aantal jongen 1-3 jongen 
Spenen 6 weken 
Geslachtsrijp man 30 maanden 
Geslachtsrijp vrouw 18-22 maanden 
Levensduur In het wild 7 tot 10 jaar. 
Voeding in de natuur Ratten, konijnen, eekhoorns, agoeti's, kleine herten, apen, kleine vogels en hagedissen.Ook insecten, slangen, kleine schildpadden, kikkers, landkrabben en vissen.
Leefgebied Het noorden van Midden-Amerika, het noordoosten en noordwesten van Zuid-Amerika en centraal Zuid-Amerika. 
Groep/solitair Ze leven solitair.
Fokprogramma
CITES Appendix I (18/01/1990)
EU Listing Annex A (04/02/2017)
IUCN Niet bedreigd (LC)
   
Follow Us