Witsnorpalmroller Author: David Blank
License: CC BY-NC-SA 3.0
  Leefgebied witsnorpalmrollerAuthor: Chermundy
License: CC BY-SA 3.0
  WitsnorpalmrollerAuthor: Rushenb
License: CC BY-SA 4.0

Zoogdieren

Paguma larvata

gb Masked palm civet, gem-faced civet de Larvenroller  fr Civette palmiste à masque

Leefgebied

Het verspreidingsgebied van de witsnorpalmroller is het grootste van alle civetkatachtigen en omvat Afghanistan, Pakistan, India, de Andamanen eilanden, de Nicobaren, Bangladesh, Bhutan, Nepal, de Volksrepubliek China, Taiwan, Myanmar, Cambodja, Laos, Vietnam, Thailand, Singapore, Maleisië inclusief Sabah en Sarawak, en de Indonesische eilanden Kalimantan en Sumatra. Aan het begin van de twintigste eeuw is de witsnorpalmroller ook geïntroduceerd op de Japanse eilanden Honshu en Shikoku.

De witsnorpalmroller is een bewoner van gemengde, bladverliezende en groenblijvende loofbossen, alsmede berggebieden. Ze leven ook in tropische regenwouden en in de buurt van menselijke nederzettingen.

Uiterlijk

De witsnorpalmroller heeft een lichaamslengte van 50 tot 76 cm en een staartlengte van 50 tot 64 cm. De oren zijn 4 tot 6 cm lang. Het gewicht is afhankelijk van geslacht en leeftijd, maar volwassen dieren wegen van 3.5 tot 5.0 kg.

De kortharige vacht varieert in kleur van roodbruin tot donkergrijs, de lichtgrijze buik uitgezonderd. De oren, het gezicht en de poten zijn zwart van kleur. Midden over de kop, onder de ogen en op de wangen is de vacht geelwit gekleurd. De combinatie van de zwarte en de geelwitte delen van het gezicht geven de vorm van een masker. Ook de snorharen hebben een witte kleur, waaraan de soort zijn naam dankt.

Voortbeweging

Witsnorpalmrollers zijn uitstekende klimmers. 

Wetenswaardigheden

  • De witsnorpalmroller heeft zijn naam te danken aan de witte snorharen.
  • Hij heeft vier anale klieren, die een muskusachtige vloeistof produceren. Deze vloeistof kan de witsnorpalmroller over een behoorlijke afstand naar eventuele belagers spuiten om ze zo af te schrikken.
  • Opmerkelijk is dat de rechter long meer lobben bevat dan de linker, en daarmee meer bronchiën. Hierdoor kan de witsnorpalmroller meer zuurstof opnemen.
  • Het vrouwtje heeft twee paar tepels.
  • Ze kunnen hun klauwen intrekken.

Voeding

De witsnorpalmroller voedt zich voornamelijk met vruchten, maar ook insecten en kleine gewervelde dieren als knaagdieren en kleine vogels worden gegeten.

Predatie

Bekende predatoren zijn tijgers, haviken, luipaarden, jaguars en de mens. Doordat ze kunnen klimmen weten ze vaak te ontkomen aan roofdieren.

Gedrag

De witsnorpalmroller is een solitair levende boombewoner, die goed kan klimmen. Over het algemeen is dit roofdier 's nachts actief en slaapt het overdag. Dit meestal in een boom. Deze rustplaatsen verschillen per dag en worden niet hergebruikt. Gedurende de nacht leggen ze vaak zo'n twee kilometer af.

Voortplanting

Er zijn twee broedseizoenen, namelijk vroeg in de lente en laat in de herfst. Het nest bevind zich meestal in een boomholte. Er worden 1 tot 4 jongen geboren. Na negen dagen openen ze de oogjes en na 3 maanden zijn ze net zo groot als een volwassen dier.

De witsnorpalmroller kan een leeftijd van 15 jaar bereiken. 

Bedreiging

De IUCN heeft de palmroller geclassificeerd als "Niet bedreigd". Hun leefgebied wordt echter in hoog tempo door de mens vernietigd waardoor ze steeds kwetsbaarder voor uitsterven zullen worden.

Bronnen:

Creative Commons-Licentie
Dit werk valt onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Unported-licentie

Paspoort

Naam Witsnorpalmroller
Klasse Mammalia (Zoogdieren)
Orde Carnivora (Roofdieren)
Familie Viverridae (Civetkatachtigen)
Geslacht Paguma
Soort Paguma larvata
Grootte  50-76 cm 
Staartlengte 50-64 cm
Gewicht  3,5-5,0 kg
Paringsinterval 1-2 keer per jaar
Paartijd Vroeg in de lengte en laat in de herfst
Draagtijd  
Nest Boomholte 
Geboorte  
Geboortegewicht  
Aantal jongen 1-4 jongen 
Spenen  
Geslachtsrijp  
Levensduur 15 jaar in het wild 
Voeding in de natuur Vruchten, insecten en kleine gewervelde dieren als knaagdieren en kleine vogels. 
Leefgebied Grootste deel van Zuidoost Azië
Groep/solitair Solitair
Fokprogramma -
CITES Appendix III (India, 16/03/1989)
EU Listing Annex C (India, 04/02/2017)
IUCN Niet bedreigd (LC)
Follow Us