WitsnuitneusbeerAuthor: Liz Roy
License: CC BY-SA 3.0

   Leefgebied witsnuitneusbeerSamudio, R., Kays, R., Cuarón, A.D., Pino, J.L. & Helgen, K. 2008. Nasua narica. The IUCN Red List of Threatened Species. Version 2014.2. Accessed on 15 August 2014.   WitsnuitneubeerAuthor: Linda de Volder
License: CC BY-SA 3.0

Zoogdieren

Nasua narica

gb White-nosed Coati  de Weißrüssel-Nasenbär  fr Coati à nez blanc

Leefgebied

De witsnuitneusbeer, coati of pizote (Nasua narica) is een neusbeer die voorkomt van de zuidelijke Verenigde Staten tot noordelijk Zuid-Amerika. De witsnuitneusbeer heeft een groot aanpassingsvermogen en hij bewoont dan ook veel verschillende bosgebieden, van laaglandregenwouden tot bergbossen en nevelwouden. Soms zijn neusberen ook te vinden in graslandgebieden.

Uiterlijk

Witsnuitberen worden 80 tot 130 cm lang, waarvan meer dan de helft de staart is, en wegen 3 tot 5 kg. Ze zijn herkenbaar aan de lange snuit, met een beweeglijk uiteinde, en de lange, slanke staart. De vacht is grijsbruin van kleur met witte delen op de armen, de snuit, de kin en de keel. De witte oren zijn smal en rond. Net als wasberen heeft de neusbeer een zwart-wit gekleurd gezichtsmasker. Onder en boven de ogen zitten witte vlekken te zien. De staart is zwartgeringd en wordt bij het lopen verticaal gehouden. De ringen zijn bij jonge dieren meestal beter zichtbaar dan bij volwassen neusberen. De poten zijn zwart van kleur en de voorpoten zijn voorzien van gebogen klauwen.

Voedsel in de natuur

Neusberen hebben een uitstekend reukvermogen. Een neusbeer graaft een hol met de lange, gebogen klauwen aan zijn voorpoten als hij op zoek is naar voedsel, zodat hij met zijn lange beweeglijke snuit door het zand kan wroeten. Ook peutert de neusbeer vaak dode boomstronken uit elkaar en de kleine dieren die daarbij tevoorschijn komen worden razendsnel gegrepen. Dikwijls rolt hij de gevangen beestjes even over de grond, om te voorkomen dat ze zullen steken. Op één dag legt een neusbeer soms wel een paar kilometer af tijdens zijn zoektocht naar voedsel. Grotere prooidieren worden na vangst met een beet in de nek gedood.

Net als alle kleine beren is de witsnuitneusbeer een omnivoor. Ongewervelde dieren zoals spinnen, schorpioenen, duizendpoten, verschillende soorten insecten en landkrabben vormen het hoofdvoedsel, maar ook muizen, kikkers, hagedissen, eieren, vruchten en noten staan op het menu.

Gedrag

In tegenstelling tot andere kleine beren is de neusbeer vooral overdag actief. De mannelijke dieren leven solitair en vertonen fel territoriaal gedrag tegenover elkaar. Vrouwelijke neusberen leven samen met de jongen in groepen van 4-20 leden.
De meeste tijd wordt doorgebracht met het zoeken naar voedsel op de grond. Bij het zoeken naar voedsel werken ze niet samen, maar ze bundelen hun krachten wel om zich te verdedigen tegen mannetjes of andere indringers.

De nacht wordt slapend, vaak opgerold, doorgebracht in de bomen, waar de neusberen veilig zijn voor de meeste roofdieren. Vroeg in de ochtend beginnen ze voedsel te zoeken.

Het zijn luidruchtige dieren, die met veel verschillende uitroepen van gekwetter en geknor tot gejammer en geschreeuw met elkaar communiceren.

Predatie

Veel jongen vallen ten prooi aan roofdieren waaronder de mannetjes, grote katachtigen, apen en boa constrictors.

Voortplanting in de natuur

In februari of maart wordt het meest dominante mannetje tot een groep vrouwtjes toegelaten, eerst door de grommen en onderdanig gedrag te vertonen. Wanneer het mannetje eenmaal tot de groep is toegelaten zal hij met ieder vrouwtje, in een boom, paren. Omdat de mannetjes er om bekend staan dat ze de jongen doden, worden ze na de paring weer uit de groep verdreven.

Ongeveer 3 tot 4 weken voordat de jongen geboren worden verlaat het vrouwtje dan tijdelijk de groep om een nest in een rotsspleet of een boom te bouwen, meestal in een palmboom. Na een draagtijd van 77 dagen, worden 2-7 jongen geboren. Bij de geboorte wegen de jongen slechts 100-180 gram. Na 11 dagen gaan de ogen open en na 4 maanden worden de jongen gespeend.

De vrouwtjes brengen de jongen alleen groot. Bij het verlaten van het nest vallen veel jongen ten prooi aan roofdieren waaronder de mannetjes, grote katachtigen, apen en boa constrictors, ongevallen en ziekten. Na vijf maanden voegen moeder en jongen zich weer bij de groep. Een korte tijd daarna zal de vader, enkele dagen achtereen verschijnen om de jongen te leren herkennen.

Na 15 maanden zijn de jongen volwassen en na drie jaar zijn zowel de mannetjes als de vrouwtjes geslachtsrijp. Neusberen leven 7-14 jaar. In gevangenschap kunnen ze echter wel 26 jaar worden.

Bedreiging

De witsnuitneusbeer wordt vooral bedreigd door het op grote schaal verloren gaan van leefgebied en in sommige gebieden door de jacht.

CITES: Appendix III
IUCN Red List of Threatened Species: Niet bedreigd (LC)

Bronnen:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Witsnuitneusbeer

Creative Commons License
Dit werk is valt onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Unported-licentie

Michаel, Cyndy Parr, Katja Schulz, Leo Shapiro, C. Michael Hogan, "Nasua narica (Linnaeus, 1766)" Encyclopedia of Life, available from http://eol.org/pages/311953 Accessed 21 Nov. 2013

Creative Commons License
This work is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 3.0 Unported License.

Paspoort

Naam Witsnuitneusbeer
Klasse Mammalia (zoogdieren)
Orde Carnivora (roofdieren)
Familie Procyonidae (Kleine beren)
Geslacht Nasua (Neusberen)
Soort Nasua narica
Grootte man 80 - 130 cm, incl. staart
Grootte vrouw 80 - 130 cm, incl. staart
Gewicht man 3 - 5 kg
Gewicht vrouw 3 - 5 kg
Paartijd Februari - maart
Paringsinterval 1 keer per jaar
Draagtijd 77 dagen
Nest Nest in de boom of rostssplaat
Geboorte Mei - juni
Geboortegewicht 100 - 180 gram
Aantal jongen 2 - 7 jongen
Spenen 4 maanden
Geslachtsrijp man 3 jaar
Geslachtsrijp vrouw 3 jaar
Levensduur 7 - 14  in het wild
Voeding Omnivoor. Ongewervelde dieren zoals spinnen, schorpioenen, duizendpoten, verschillende soorten insecten en landkrabben maar ook muizen, kikkers, hagedissen, eieren, vruchten en noten
Leefgebied Zuidelijke Verenigde Staten tot noordelijk Zuid-Amerika
Groep/solitair Vrouwtjes met jongen in groepen van 4 tot 20 dieren, mannetjes solitair, behalve in de paartijd
CITES Appendix III
IUCN Niet bedreigd (LC)
Follow Us