WitgezichtsakiAuthor: Hans Hillewaert
License: CC BY-SA 3.0


  Leefgebied witgezichtsakiVeiga, L.M. & Marsh, L. 2008. Pithecia pithecia
In: IUCN 2013. IUCN Red List of Threatened Species.
Version 2013.1.
Accessed on 01 September 2013.
  WitgezichtsakiAuthor: Art G.
License: CC BY 2.0


Zoogdieren

Pithecia pithecia

gb White-faced saki  de Weißkopfsaki  fr Saki à face blanche

Leefgebied

De witgezichtsaki komt voor in de tropische regenwouden en bosrijke gebieden in het noorden van Zuid-Amerika in Brazilië, Frans-Guyana, Guyana, Suriname en Venezuela. Ze leven daar in de bossen, zowel in lager gelegen regenwouden als in bergbossen. Ze leven tussen 210 en 750 meter hoogte.

Uiterlijk

De witgezichtsaki is één van de weinige apensoorten in de nieuwe wereld (Amerika) waarbij er een duidelijk verschil in uiterlijk is tussen het mannetje en vrouwtje. De mannelijke witgezichtsaki is helemaal zwart en heeft een wit gezicht. Het vrouwtje is daarentegen helemaal zwart/bruin en heeft een witte streep van onder de ogen naar de mondhoek/kin. Alle pasgeboren jongen hebben het uiterlijk van hun moeder; twee maanden na de geboorte wordt bij mannetjes het witte gezicht zichtbaar.

Witgezichtsaki’s hebben een dikke waterdichte pels die hen beschermt tegen de vele regenbuien die in hun leefgebied voorkomen. Hun staart is ook lang en dik en dient om hun evenwicht te bewaren tijdens het springen. Zonder staart zijn ze ongeveer zo groot als een dwergkonijn. Met staart zijn ze ongeveer een kleine meter. De staart kan niet als grijpstaart worden gebruikt.

Witgezichtsaki's worden 30-48 cm groot en wegen 1.5 tot 1.8 kilogram. Het mannetje is iets zwaarder dan het vrouwtje. De achterpoten zijn beduidend langer dan de voorpoten. 

Voortbeweging

Witgezichtsaki´s kunnen goed klimmen en zo'n tien meter ver springen wat goed van pas komt bij het leven in de bomen. Naast dat ze zich op handen en voeten voortbewegen, kunnen ze zich ook zeer snel voortbewegen door op hun achterpoten zijwaartse sprongen te maken. Deze snelle manier van voortbewegen heeft ervoor gezorgd dat de witgezichtsaki´s de bijnaam 'vliegende aap' hebben gekregen.

Wetenswaardigheden

Hij heeft sterke snij- en hoektanden waarmee hij de hardste noten open kan bijten. In plaats dat witgezichtsaki´s takken vastpakken tussen duim en de rest van de hand zoals wij dat doen, pakken zij takken vast tussen wijsvinger en middelvinger zodat ze drie vingers aan de ene kant hebben en een vinger en duim aan de andere kant.

Voedsel in de natuur

De witgezichtsaki heeft een uitgebreid menu. Naast kleine zoogdieren en kleine vogels eet het dier een grote variatie aan bloemen, planten, bessen en zaden. Daarnaast staan ook insecten, meestal mieren en honing op het menu. Met hun sterke snij- en hoektanden vermalen ze taaiere planten en openen ze noten.

Gedrag

Witgezichtsaki’s zijn dagactieve boombewoners. Ze begeven zich vooral in de onderste en middelste laag van het regenwoud (3 tot 15 meter hoog). Slechts af en toe komen ze op de grond. 

Witgezichtsaki's leven in familieverband en in vrij kleine groepjes. Het zijn stille, schuwe en rustige dagdieren die zelden hun stem laten horen. Alleen tijdens de bronsttijd of bij gevaar willen ze zich nog wel geluid geven. Ze laten dan een luide roep horen waarmee ze hun territorium aangeven. Het lijkt op de roep van de brulapen, alleen is het minder hard. 

Witgezichsaki's vormen paartjes voor het leven. Ze versterken hun onderlinge band door elkaar te verzorgen.

Predatie

Omdat de witgezichtsaki hoog in het oerwoud leeft, heeft het dier daar weinig natuurlijke vijanden. Alleen voor grote roofvogels moet hij goed uitkijken. Witgezichtsaki’s komen in hetzelfde leefgebied voor als de grotere en sterkere baardsaki’s. Omdat ze hetzelfde voedsel eten, wordt de witgezichtsaki vaak gedwongen in de lagere gebieden van het regenwoud eten te zoeken waar de kans om een roofdier tegen te komen, groter is.

Voortplanting in de natuur

Vrouwtjes zijn met twee jaar geslachtsrijp, de mannetjes na drie jaar. De draagtijd bedraagt 158-170 dagen. Een vrouwtje baart vrijwel altijd maar één jong. Het jong klampt zich vrijwel meteen vast aan één van de ouders. In het begin is dit meestal de moeder, maar na verloop van tijd nemen de vader en eventuele broertjes en zusjes dit over. Het jong is al na zes maanden volwassen. Ze worden veertien tot twintig jaar oud.

Bedreiging

Er zijn nooit enorm veel witgezichtsaki's geweest, maar de dieren leven verspreid over een groot oppervlak, vooral in een aantal beschermde gebieden. Er is daarom geen enkel bewijs dat de soort bedreigd wordt. Anderzijds kan men stellen dat het vanwege de houtkap en illegale apenhandel niet onaannemelijk is dat ze eigenlijk wel een bedreigde diersoort vormen. Vanwege de schuwheid van de witgezichtsaki is de populatie moeilijk te controleren, zodat het ook niet duidelijk is hoeveel aapjes er leven. De soort staat op de IUCN Rode Lijst echter als "Veilig". Voor de zekerheid hebben diverse dierentuinen een fokprogramma voor deze aapjes opgesteld.

Bronnen:

Creative Commons LicenseThis work is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 3.0 Unported License.

Paspoort

Naam Witgezichtsaki
Klasse Mammalia (zoogdieren)
Orde Primates (Primaten)
Familie Pitheciidae (Sakiachtigen)
Geslacht Pithecia (Saki's)
Soort Pithecia pithecia
Grootte man 30 - 48 cm
Grootte vrouw 30 - 48 cm
Gewicht man 1.5 - 1.8 kg
Gewicht vrouw 1.5 - 1.8 kg
Paartijd Voorjaar
Paringsinterval 1 x per jaar
Draagtijd 158 dagen
Nest -
Geboorte Najaar
Geboortegewicht -
Aantal jongen 1
Spenen 122 dagen
Geslachtsrijp man 1460 dagen
Geslachtsrijp vrouw 775 dagen
Levensduur 20 jaar in de natuur
Voeding in de natuur Fruit, noten, zaden en bladeren. Insecten
Voeding in de dierentuin Appel, wortel, witlof, andijvie, avocado, ongepelde noten. zonnebloempitten, paprika, kruim, banaan, rode biet, peer, meloen, gekookte aardappel, druiven, gekookte rijst
Leefgebied Tropische regenwouden van Brazilië, Frans-Guyana, Guyana, Suriname en Venezuela.
Groep/solitair Familieverband en kleine groepjes
Fokprogramma EEP: PAIGNTON, Matthew Webb, 2000
CITES Appendix II
IUCN Niet bedreigd (LC)
   
Follow Us